1 augustus 2022: Wet transparante en voorspelbare arbeidsvoorwaarden van kracht

01-08-2022

Nieuws

krant vrouw

Dit artikel is geüpdatet op 1 oktober 2022

Op 1 augustus is de Wet transparante en voorspelbare arbeidsvoorwaarden ingegaan. Een impactvolle wet - voortvloeiend uit een Europese Richtlijn - die ervoor moet zorgen dat niet alleen de arbeidsvoorwaarden voor werknemers verbeteren maar dat ook hun aansluiting op de arbeidsmarkt verbetert.

De nieuwe wet – die is vastgelegd in artikel 7:611a van het Burgerlijk Wetboek – heeft gevolgen voor de scholing van (financieel) professionals. Per 1 augustus 2022 is de werkgever op basis van het recht van Europese Unie, het nationaal recht of op basis van de cao verplicht om werknemers scholing direct benodigd voor het werk, kosteloos aan te bieden. Ook wordt studietijd bij verplichte scholing aangemerkt als arbeidstijd en vindt die scholing zoveel mogelijk ‘onder werktijd’ plaats.

Maar wat betekent dit nu voor de scholing voor financieel professionals? Welke opleidingen en trainingen vallen onder deze wetgeving en welke niet? Helaas is dit nog niet helemaal helder.

Wat weten we wel en wat kunnen we nog verwachten?

Om onze relaties goed te informeren over wat deze wet voor hen betekent, zijn wij in overleg gegaan met juristen, de branche en het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Ook is hierover afstemming geweest met brancheorganisatie Adfiz.

Initiële Wft-scholing, PE en PA
De voorlopige (en voorzichtige) conclusie is dat initiële Wft-scholing over het algemeen niet onder de werking van de wet valt en het behalen van PE-certificaten en het bijhouden van Permanent Actueel over het algemeen wel onder de werking van de wet valt.

Maar op bovenstaande situaties zijn ook weer uitzonderingen denkbaar, bijvoorbeeld wanneer een werkgever een medewerker een nieuwe Wft-eis stelt, binnen een bestaande functie. Dan lijkt er wél sprake te zijn van verplichte scholing. Bekijk ook de voorbeelden onderaan dit bericht.
Uiteraard staat het werknemer en werkgever daarnaast ook vrij om onderling afspraken te maken, bijvoorbeeld het vergoeden van de opleidingen vanuit ‘goed werkgeverschap’. Ook kan de verplichting tot vergoeding dus voortvloeien uit cao-afspraken.

Jurisprudentie

Kortom, er is nog steeds veel onduidelijk. De antwoorden die wij krijgen, lopen uiteen. Medewerkers van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid merken op dat de uiteindelijke beslissing aan de rechter is. Jurisprudentie zal moeten aantonen hoe de wet in de praktijk werkt. Dat geldt voor de financiële branche met het Wft-stelsel, maar ook voor andere branches met verplichte scholing.

Hieronder enkele voorbeelden gebaseerd op de voorlopige conclusies

  • Een werknemer solliciteert naar een Wft-functie en moet dan ‘bij eerste aanvang’ over een aantal Wft’s beschikken om op dag 1 te kunnen werken: dit lijkt niet te worden aangemerkt als verplichte scholing. Kosten zijn voor eigen rekening en studietijd is eigen tijd.
  • Een werkgever stelt op dezelfde functie een nieuwe eis waardoor een Wft-diploma gehaald moet worden: dit lijkt aangemerkt te worden als verplichte scholing. De werkgever moet de kosten vergoeden en studietijd als arbeidstijd beschouwen.
  • Een werknemer solliciteert naar een Wft-functie maar wordt nog ingewerkt en moet op termijn zelfstandig gaan adviseren: dit lijkt dan onder verplichte scholing te vallen.
  • Een werknemer werkt als hypotheekadviseur. Hij moet zijn Wft-adviseurskwalificatie in de lucht houden met een PE-examen. Dit lijkt aangemerkt te worden als verplichte scholing. De werkgever moet de kosten vergoeden en studietijd als arbeidstijd beschouwen.

Uiteraard volgen wij het nieuws ronde de Wet transparantie en voorspelbare arbeidsvoorwaarden op de voet. Zodra er updates zijn rond dit onderwerp, passen wij dit artikel aan.

Meer informatie over de Richtlijn transparantie en voorspelbare arbeidsvoorwaarden vind je hier.